QARABAĞ – AJAX
(en toen… Azerbeidzjan!)
maandag 08.12.25 t/m vrijdag 12.12.25
Seizoen 2025-2026… Na het redelijk goede seizoen onder trainer Farioli, was opvolger Heitinga, hoewel een echte Ajacied, niet de gedroomde opvolger. Het was dan ook al snel niet de vraag of, maar wanneer hij zijn positie moest opgeven. Inmiddels was al wel de loting en het speelschema van de Champions League bekend, waar ik met belangstelling naar kon kijken. Frankrijk (Olympique Marseille) trok me niet, en ook Spanje (Villareal) en Engeland (Chelsea) niet, omdat ik daar al eens was geweest. Maar nog nooit in Azerbeidzjan! Hoewel Ajax daar het jaar daarvoor ook was geweest, had ik toen gekozen voor Noorwegen en daar een hele mooie reis naar gehad. Zozeer zelfs, dat mijn vriendin het nu waagde om ook mee te gaan naar “Abbertjedam”. Toen ze vroeg waar dat eigenlijk lag, moest ze wel even slikken toen ik zei dat het boven Iran lag… Maar dat is toch helemaal geen Europa? Klopt, een visum was dus verplicht, plus een redelijk lange vliegreis. Maar eenmaal gewend aan het idee, was ook zij in de ban van dit midweekse avontuur.

Want dat was het natuurlijk inmiddels wel. In de competitie liep het niet echt crescendo, maar de CL was helemaal een dieptepunt. Op dat moment drie wedstrijden, drie keer dik klop en slechts één doelpunt gescoord, ook nog uit een strafschop. Niet echt een uitnodigende reden om helemaal naar dat verre land ten oosten van ons landje te gaan. Maar uiteraard is de wedstrijd slechts een kapstok om de reis aan te hangen. Voordeel was ook nog eens dat ik tijd genoeg had om alles uit te zoeken. Wat moest ik hebben om het land binnen te komen, wat zou ik gaan aantreffen enzovoorts. Gelukkig is daar allesweter Google, die mij vertelde dat ik een e-visum moest aanvragen, wat prikken bij de GGD zouden geen onverstandige zet zijn en een hotel op voorhand was een must (moet bij het invullen van het e-visum). Ook moest ik natuurlijk kaarten voor de wedstrijd bemachtigen, het liefst via Ajax maar anders op een andere manier. De voorbereidingen waren begonnen!

Kaarten waren op dat moment nog niet te zien op de site van Ajax, welke ik overigens ook behoorlijk omslachtig en onoverzichtelijk vind, maar dat terzijde. Natuurlijk wel op zoek gegaan naar de beste reis via mijn “eigen” vliegveld; Brussel Airport, ook wel Zaventem genoemd. Dat viel eigenlijk nog alles mee: een retourvlucht naar Baku met slechts twee keer een overstap in Istanbul (Turkije), dat alles voor nog geen 700 euro totaal. Toen dat eenmaal in de pocket was, was een hotel vinden ook geen uitdaging meer, gezien het feit dat de hoofdstad Baku een enorm moderne stad is met veel van dat soort voorzieningen. Overigens kom ik op dat “moderne” nog terug, later in het verhaal. Prijzig zijn de hotels, mits je niet de allerduurste neemt, ook niet echt, voor 12 euro per nacht heb je al een kamer voor twee personen, inclusief ontbijt. Ik heb, zeker gezien het feit dat mijn vriendin erbij was, wel in een iets duurder segment wat gekozen, maar zelfs dan is het nog zeer betaalbaar in vergelijking met het dure Europa.

De kaarten bleven maar uit op de website en toen ik vervolgens een weekje niet gekeken had, bleek dat het juist in die week de verkoop was geweest! 1800 kaarten waren in een mum van tijd verkocht, zodat ik wat dat betreft met lege handen stond. Geen man overboord, tenslotte had ik meer met dit bijltje gehakt. Dan maar gokken op de losse verkoop in Baku zelf. Want zeg nou zelf: de club komt oorspronkelijk uit een ander gedeelte van het land en hoeveel mensen zouden die trip elke keer willen maken? Laat staan dat de mensen uit de hoofdstad zich zouden bekommeren om een clubje uit de regio. Hoe een mens zich kan vergissen… Nadat alles geregeld was wat geregeld kon worden, nog één klein detail: vaccinaties laten zetten. Ook daar een datum voor geprikt en bij de GGD langs. Toen was alles geregeld!

En op maandag 08 december 2025 was het dan zover! Veel te vroeg naar Essen om daar de trein naar Brussel te pakken, dus ook veel te vroeg op het vliegveld aanwezig. Dat alles om de zenuwen van vriendin onder controle te houden. Gelukkig een boek meegenomen, dat hielp om de uren door te komen. Online was, voor het eerste deel, al ingecheckt, dus alleen nog even de koffers laten labellen. Was de gedachte… Daar dacht de allervriendelijkste dame naast de bagageband anders over. Hoewel er was betaald voor twee keer cabine, moesten twee van de vier koffers toch echt in het ruim. Tegenstribbelen had geen zin en om nou daar de reis op te laten varen, ging me dan weer iets te ver. Dus label erop en we zagen twee van onze cabinekoffers over de loopband uit het zicht verdwijnen. Wel kon dezelfde dame ons alvast inchecken voor het tweede deel van de reis naar Baku, zei ze. We kregen keurig elk een ticket en zo konden we op naar de douane. Die zonder problemen doorlopen, uiteraard weer wel met een extra check vanwege mijn metalen heup, maar verder keurig. Wachten tot het toestel er was en op naar Istanbul. Ook de vlucht was probleemloos, maar toen kwam het “Grote Gedoe” in Turkije.

In de aankomsthal eerst maar eens geïnformeerd naar onze koffers. Waren die doorgezet naar het vliegtuig naar Baku? Waren ze op de aankomstband afgeleverd? Niemand die het wist of gewoonweg de vraag niet begreep. Dus maar naar de transitruimte en het daar voor de zekerheid nog maar een keer gevraagd. Gelukkig sprak die beste man wél enigszins acceptabel Engels en die vertelde dat we toch echt naar de aankomsttransportband moesten om onze koffers op te halen. Hij ons dus via via teruggesluisd naar de douane om het gebouw via een andere kant binnen te komen en konden we uiteindelijk onze begeerde koffers weer terug in de handen nemen. Nogmaals door de douane, nu om naar de transitruimte te kunnen en vele vloeken, gesteun, zenuwen en boos kijken verder. Maar we waren waar we moesten zijn, plus onze koffers! Gelukkig hadden we ruim vijf uur tussen de eerste en tweede vlucht. Toen nog een keer de zenuwen, omdat bleek dat op het allerlaatste moment de gate was veranderd. Daar bleef het niet bij, omdat bij het inchecken bleek dat we toch niet waren ingeboekt. Dat had te maken met het feit dat onze vlucht een dag later was dan de eerste vlucht: 00:15 vertrok deze. Dus inderdaad op dinsdag in plaats van maandag. Paniek bij de steward, omdat het vliegtuig op punt van vertrekken stond, maar na een tiental minuten was het uiteindelijk toch voor elkaar gebokst en konden we alsnog de slurf in richting het vliegtuig. Dat zat overigens voor de helft gevuld met Ajacieden, dat was duidelijk te horen en te zien. Tijdens het wachten op de luchthaven nog wat gegeten en kwamen we nog drie, gebroederlijk naast elkaar gelegen, fanclubwinkels tegen: Galatasaray, Fenerbahçe en Beşiktaş, de drie topclubs uit Istanbul en ook “de grote drie” van Turkije genoemd. Natuurlijk wat aangeschaft, het blijft vakantie 😉

De vlucht zelf was weer prima; beetje slapen, beetje lezen en verder de tijd uitzitten. Eenmaal in Baku, het was inmiddels 04:30 uur plaatselijke tijd, geen probleem met door de douane komen. Uiteraard een extra check vanwege de prothese, maar verder alles in orde. Even snel voor 250 euro gepind bij een automaat, voor de plaatselijke valuta. Bij de uitgang stond een vriendelijke mevrouw achter een hokje met uitleg over taxi’s, daar maar eens de oren te luisteren gelegd. Gevraagd hoeveel het zou worden naar ons hotel, en dat zou tussen de 20 en 24 manat (de reeds genoemde plaatselijke munteenheid) worden. De manat is de helft van onze euro, dus dat zou tien tot twaalf euro moeten kosten. Voor 40 minuten een zeer schappelijke prijs, dus dat gedaan. We moesten de eerste rode taxi in de rij aanspreken, dan zou het goedkomen. Zo gezegd zo gedaan, en inderdaad, de Engels uitziende taxi was meer dan bereid te rijden richting ons hotel. Met wat hardere snelheid dan eigenlijk volgens de borden mocht, zonder problemen naar het hotel gereden. Daar begonnen de moeilijkheden… Ik zag op de teller dat deze 22 manat aangaf, dus ik gaf de beste man 25 en zei dat het in orde was. Daar was deze het echter niet mee eens en wilde maar liefst 50 manat hebben. Dat was een beetje gortig, maar ook voor 30 manat ging hij er niet in mee. Uiteindelijk 40 gegeven en een beetje mokkend vertrok hij weer. Onze eerste kennismaking met het plaatselijke vervoersgilde.

De incheck in het hotel was daarentegen van grote klasse. Hoewel we eigenlijk pas om 14:00 uur op de hotelkamer zouden komen, was de portier meer dan genegen om ons, buiten wat we voor de overnachtingen die al waren geboekt moesten betalen, voor de helft van de dagprijs nu al toe te laten. Daar niet over getwijfeld en direct gedaan en afgerekend, zeker omdat daar ook het ontbijt bij was inbegrepen. Toen uitpakken, lekker douchen en een paar uurtjes slapen voordat we de stad inkonden.

Het ontbijt was uitstekend en ook de WiFi werkte perfect. Dat was overigens wel wat anders met 4 of 5G, dat werkte daar niet al te best. Zal ongetwijfeld te doen zijn met de providers, want roaming stond gewoon aan. Na het ontbijt op pad naar waar we voor kwamen: het voetbalstadion van Qarabağ. We hadden een hotel geboekt wat op loopafstand was gelegen, het was mooi weer dus geen obstakels om het te onderzoeken. Eerst wilde moeder de vrouw een kop goeie koffie, en aan koffiebars geen gebrek. Een mooie opgezocht, al was die wel aan de andere kant van de doorgaande weg. En dat was een dingetje. Het verkeer daar is, op zijn zachtst gezegd, nogal druk. En gericht. Dat laatste is een eufemisme voor gehaast en snel. En dat moet bereikt worden met niet alleen het gebruik van het voertuig als wapen, maar ook middels de claxon (“Ik wil tuuteren!!”). Maar met leeuwenmoed hebben we het gevaar getrotseerd en zijn, iedereen bedankend, alsnog aan de overkant gekomen. Wat je al niet overhebt voor een goede bak leut. Na een welverdiende pauze weer vertrokken, waarbij we in een andere wereld terechtkwamen. In plaats van de grote, dure winkels die we eerder hadden gezien, kwamen we in een soort van winkelcentrum die we nog kenden van vroeger, in de achterbuurten van Antwerpen. Kleine, volgestouwde winkeltjes met voornamelijk kleding en sieraden, waarbij de uitbaters in de deuropening op klandizie stonden te wachten. Heel mooi om ook deze kant van de stad te leren kennen!

We kwamen uiteindelijk op een groot verkeersplein, maar wel eentje waaronder een heus complex was naar vier verschillende punten op datzelfde verkeersplein. Een ondergrondse dus, wat ik overigens ook al was tegengekomen in Rostov aan de Don (Rusland). Van daaruit was het makkelijk “oversteken” naar de kant van het stadion, wat verscholen lag achter een enorm groot, nieuw winkelcentrum. Op het plein voor het stadion waren al verschillende vrijwilligers bezig met het opzetten van dranghekken voor de wedstrijd van de dag erna, maar we konden ongestoord doorlopen naar het gebouw waar ook de kaartverkoophokjes waren. Tot onze verbazing zaten daar mensen in en gelijk maar gevraagd of er nog kaartjes waren. Teleurstelling toen bleek dat alles was uitverkocht, maar de vrouw, die heel goed Engels sprak, vertelde dat er nog wel VIP-kaarten á 100 euro te koop waren. Dat vond ik wat gortig, en na overleg met mijn vriendin besloten om er vanaf te zien. We wilden al weglopen, toen de vrouw nog een andere optie voorlegde. Haar verhaal was dat er altijd wel mensen waren die kaartjes hadden en om de één of andere manier niet konden, en die ze dan wilden verkopen. Ze wilde mijn telefoonnummer zodat ze kon bellen als ze iemand wist die twee kaartjes had. Dat was natuurlijk een genereus aanbod, zodoende mijn telefoonnummer achtergelaten en haar bedankt voor haar helpende hand.

We liepen weer weg en mijn vriendin vertelde dat ze best wel 100 euro had willen betalen voor een VIP-kaart en dit mij dan cadeau wilde doen. Stiklief, maar we waren samen gekomen en zouden ook samen naar de wedstrijd gaan, of anders helemaal niet. Daar kon ze ook wel inkomen, het was tenslotte een behoorlijke reis geweest en om dan een paar uur alleen op een hotelkamer door te brengen… De terugreis naar ons hotel hebben we gelijk benut om wat inkopen te doen, zoals water en wat knabbelvoer. Ook gelijk gekeken voor de onontkoombare souvenirs en uiteindelijk een vaantje van Qarabağ kunnen scoren in één van de vele sportwinkels in de buurt van het stadion. Helaas geen beertje met clubtenue, maar je kan blijkbaar niet alles hebben. Wat wel opviel, en wat ik al eerder aangaf en veel indruk heeft gemaakt, was het enorme contrast wat in de stad te zien was: van supermodern naar heel erg oud, qua woningen en woonblokken. Ook de nieuwe winkelcentra was top of the bill, maar twee straten daarachter lagen de, een stuk goedkopere, plaatselijke winkeltjes. Supergaaf om te zien, dat dan weer wel.

Terug in het hotel, waar de WiFi dus prima werkte, bleek dat de vrouw van de kaartverkoop; Leila, me al had geappt en gebeld. Gelijk teruggebeld, bleek dat ze al vrij snel iemand had gevonden die twee kaartjes had in één van de thuisvakken. Voor, omgerekend 90 euro, konden we beiden naast elkaar achter één van de doelen zitten. Daar niet over getwijfeld en afgesproken dat we de volgende dag; matchday, om 10:00 uur ’s morgens weer langs zouden komen om de digitale kaarten over te zetten op onze telefoon en gelijk af te rekenen. Daar zouden we ook de verkoper ontmoeten, omdat hij alleen zijn kaarten kon overzetten. Dus dat obstakel was ook getackeld: we hadden kaarten voor de wedstrijd! Toen het toetje van de dag: het diner. Daar voor de verandering eens een andere richting voor opgelopen, maar dat duurde wel een stukje langer dan in eerste instantie verwacht. Maar wat we toen kregen bij restaurant Rain, was meer dan fantastisch. We mochten gelukkig kiezen van een menukaart met plaatjes, want Engels stond er in ieder geval niet op. Toen de gastheer ons zag twijfelen, wist hij, in zijn beste Engels, ons te overtuigen om toch vooral de lokale spijzen te kiezen, verenigd op een heus plateaubord. Dat het voor twee personen was, wist hij ook nog te vertellen. En omdat je in een vreemd land natuurlijk de plaatselijke keuken moet proberen, dit gedaan. Dat hebben we geweten… Het was niet alleen lekker, maar vooral ook veel! Gelukkig hadden we honger, anders hadden we geen doggybag moeten vragen, maar een doggycontainer. Heerlijk veel vlees, waar ik toch echt voor ga, maar ook heel veel groentes, veel te veel brood en een kan plaatselijk citroenwater (met nog een aantal ingrediënten), naast onze eigen dranken. Voor de prijs hoefden we het niet te laten en uiteraard een aantal foto’s laten maken. Na deze voedzame ervaring weer teruggelopen naar het hotel, waar we na een heerlijke douche uiteindelijk de lakens maar eens over ons heen drapeerden. Een zeer geslaagde dag!

De tweede dag in Azerbeidzjan zou iets anders verlopen. Matchday! Er was de hele dag regen aangegeven en de Piet Pelleboer van Baku wist waar hij het over had. Een druilerige dag, met af en toe wat verandering als het iets harder ging regenen. Maar nog belangrijker: er stond ons om tien uur al een ontmoeting te wachten! Toch een beetje spannend, omdat we natuurlijk niet precies wisten hoe het in zijn werk zou gaan. Na een snel ontbijt in het hotel dan, ondanks de regen, te voet terug naar het stadion. We waren er even voor tien en er was nog niemand te zien. Hadden we ons vergist? Maar nee, mijn horloge, hoewel nog in de Nederlandse stand, gaf toch echt aan dat we op tijd waren. Maar twee minuten na tien bleek dat de angst ongegrond was geweest. Leila kwam aangelopen met een onbekende man, die de verkoper bleek te zijn. Ondanks wat strubbelingen met de verbinding, bleek dat de telefoon van mijn vriendin blijkbaar wat beter was, want daar lukte het om de kaarten digitaal over te zetten. We mochten er ABSOLUUT! geen screenshot van maken, omdat de kaarten blijkbaar beveiligd waren en deze dan niet meer te scannen waren. Omdat ik de ballen verstand heb van het digitale gebeuren, dit dus maar niet gedaan. Wel later stiekem een foto gemaakt met mijn telefoon, hopende dat dit niet te traceren was. De beste man de beloofde 180 manat betaald en gevraagd of we nog even met drieën op de foto konden. Dat was echter niet zijn pakkie-aan, maar Leila wilde gelukkig wel, zodoende nog met haar op de gevoelige plaat geweest. Daarna afscheid genomen, maar wel met de toezegging van Leila dat we die avond, mocht het onverhoopt toch niet lukken om binnen te komen, we contact met haar moesten opnemen omdat ze zelf ook in het stadion aanwezig was. Dat was in ieder geval een soort van geruststelling. De hekken waren inmiddels allemaal opgezet en we konden het stadionterrein ook niet meer op. Gelukkig hadden we de vorige dag al foto’s van het stadion genomen.

Toen afgerond en na een kopje koffie bij één van de vele koffietenten in de stad, terug richting het hotel gelopen. Ik had me echter voorgenomen om mezelf ook eens te verwennen met een echte barbier en hoopte er eentje te vinden. Er waren genoeg kappers, dus dat was het probleem niet. Wat echter wel een probleem was, dat er blijkbaar geen kappers waren die ook een scheermes in huis hadden. Dus toen uiteindelijk maar gekozen voor een nette zaak om mezelf zo kaal mogelijk te laten maken. En dat lukte, de beste man bleef zijn tondeuse maar gebruiken. Ook moest het daarna nog gewassen worden en tot overmaat van afmaken kreeg ik zelfs een geurtje opgespoten. Volgens mijn vriendin niet echt mijn smaak, waar ze wel gelijk in had, maar dat uiteraard niet gezegd tegen de haarvirtuoos. 20 Manat voor drie kwartier onder handen genomen worden en ik kon er weer tegen!

Weer de regen in en vanwege dat besloten we terug naar het hotel te gaan. Wel nog even langs, deze keer een andere, supermarkt, die nog dichter bij het hotel lag. Hier wat middageten gescoord en verder lekker geluierd op de kamer door het meegenomen leesvoer tot ons te nemen. Een anderhalf uur voor de wedstrijd via de balie van het hotel een uber geregeld, die ons keurig afzette aan de kant van waar de Ajax-aanhangers het stadion binnen moesten. Alleen moesten we daar natuurlijk niet zijn, wij moesten via de hoofdingang. Toen zat er niets anders op dan maar de hele wijk om te lopen, want direct langs het stadion ging het niet worden. Wat gelijk opviel was de vele politie en securitymensen die om het stadion en in de omgeving hun ding deden. Veelal alleen lettend op de voorbijgangers, waaronder ook behoorlijk wat Ajacieden die, net als wij, in een thuisvak terecht waren gekomen. Want de Europeanen vielen best wel op, daar in het verre Abbertjedam. Eenmaal bij de hoofdpoort aangekomen nog gekeken of Leila in de buurt liep, maar gezien het grote aantal mensen was dat een utopie. Nog getracht een Qarabağ-shirt te bemachtigen, maar de prijs was behoorlijk pittig: 220 manat voor een souvenir vond zelf ik wat te prijzig. Dus maar doorgegaan naar onze poort en zonder problemen naar binnen kunnen komen. De verrassing was dat we bijna naast de harde kern van Qarabağ zaten, die tot onze stomme verbazing een Ajax-lied ten gehore brachten. In hun eigen taal, dat dan weer wel, en eenmaal terug in Nederland maar eens opgezocht hoe dat zat. Via dit artikel kwam ik achter het verhaal achter deze keuze:

https://nos.nl/artikel/2593926-90-minuten-lang-voor-onze-club-uit-azerbeidzjan-waarom-qarabag-een-ajax-lied-omarmt

Dan de wedstrijd zelf. Die was weer niet best, zeker het begin niet. Vooral de rechterflank was gatenkaas, waar ook de twee tegendoelpunten vandaan kwamen. Gelukkig kantelde de wedstrijd aan het eind van de eerste helft, hoewel er na rust weer uiterst slap werd begonnen en het al eerder gememoreerde tweede tegendoelpunt viel. Ajax herpakte zich en wist uiteindelijk alsnog (en voor het eerst deze CL-campagne) drie dure punten te pakken. Feest op de tribune in het Ajax-vak, al moesten wij dat van de andere kant van het stadion bekijken. Nog enkele andere opvallende punten in het stadion: langs alle tribunes stonden, schouder aan schouder, soldaten continu het publiek in de gaten te houden. Daarachter stonden nog een aantal veiligheidsmensen en ook op de tribunes zelf waren zowel politie als security aanwezig. Ook dit was een herhaling van de Rostov-wedstrijd, waar ook een compleet leger was uitgerukt. Gelukkig geen wanordelijkheden gezien, niet voor, tijdens of na de wedstrijd. Vooraf nog even met wat Qarabağ-aanhangers gesproken, die al aangaven dat dit sowieso niet hun avond zou worden. Ze vonden dat Ajax nog steeds veel beter was dan hun eigen ploeg, plus dat de regen die al de hele dag viel, ook niet in hun voordeel was: dat waren de spelers namelijk totaal niet gewend! Ze hadden dus gelijk gekregen en kreeg Ajax de laatste strohalm tot alsnog doorgaan tot de tussenronde aangereikt. We gaan zien hoe dat uitpakt. Na uit het stadion te zijn geraakt, nog even in één van de naastgelegen eettentjes ons, uitgestelde, diner genuttigd: de Azerbeidjaanse versie van een broodje döner. Tenslotte te voet terug naar het hotel, en zowaar: de regen stopte…

De volgende dag; 11 december 2025, was het tijd om een ander gedeelte van de stad te bekijken. Na het ontbijt met de taxi naar de boulevard. Eindelijk een chauffeur die zich ook aan zijn vooraf besproken prijs (7 manat) hield en waar we onderweg naar zijn reizen naar Europa, in het Engels, konden beluisteren. Hij was in tal van landen geweest, ook in Nederland. Daarbij werd natuurlijk eerst en vooral de prijzigheid van ons landje aangestipt, wat ik uit zijn oogpunt goed kon begrijpen. Hij vertelde ook over Baku zelf en wees ons, vlak voordat we op de boulevard kwamen, op enkele bezienswaardigheden. Hem met een tip bedankt voor zijn verhalen en adviezen, waarna we de boulevard opliepen. Een schitterend, heel groot en breed tegelpad, waar pompeuze gebouwen op en in de nabijheid waren gebouwd. Architectonische hoogstandjes, die de grootsheid van Baku en Azerbeidzjan moesten benadrukken. Na enige kilometers hierover gelopen te hebben en wederom een oogverblindend winkelcentrum te hebben bezocht, besloten we toch maar om ook de wijken erachter te bezoeken. En wat een verschil was dat. Hoe verder we kwamen, hoe meer de werkelijke levensstandaard van de gemiddelde Azerbeidjaan naar voren kwam. Achter alle façade van rijkdom en pracht en praal vonden we sloppenwijken die op veel plaatsen in de wereld te vinden zijn. Het contrast kon niet groter zijn: slechts de weg oversteken is van arm naar rijk wandelen en terug. Wel nog een souvenir gevonden in één van de overvolle winkeltjes die ook in het arme gedeelte zijn te vinden, waar we veel te veel voor hebben betaald, maar dat ons in ieder geval een goed gevoel gaf.

Toen het tijd werd om terug naar het hotel te gaan, werden we weer getroffen door het “grote-taxi-oplicht-spel”. In één van de straten in het armere gedeelte stonden een aantal taxi’s, waarbij de eerste die we aanspraken niet wist waar ons hotel was. Toen de tweede gevraagd en ons hoteladres getoond, waarbij hij aangaf te weten waar het was. Onze vraag naar het bedrag, met handen en voeten, stak hij uiteindelijk twee vingers op: 2 manat. Zodoende in zijn aftandse Mercedes gestapt en het Bakuuse verkeer ingedoken. Een rit waarbij vervolgens alles werd gedaan om maar niet de verkeersregels te volgen en het onvermijdelijke getoeter niet achterwege kon blijven. Wederom een heerlijke, Russische, herinnering herbeleefd, omdat de beste man geen Engels sprak en in zijn eigen taal een verhaal vertelde, en ik maar in het Nederlands terugsprak. Bij het hotel kwam de verrassing, vertaald door één van de hotelmedewerkers: hij had niet twee bedoeld met zijn vingers, maar 20… Een behoorlijk verschilletje, maar omdat we alletwee moe waren en geen gezeik meer wilden, maar betaald. Volgende keer toch maar op papier/telefoon schrijven wat het zal worden. Overigens kon de man het geld zeer waarschijnlijk goed gebruiken, ook dat was een overweging geweest om niet te veel te gaan soebatten.

Na ons te hebben opgefrist in het hotel, zijn we voor de laatste keer naar een restaurant op zoek gegaan. We wilden nu echt een “restaurant voor de locals”, om de echte sfeer te proeven zoals de bewoners zelf ervaren. En die vonden we ook, op nog geen 200 meter van ons hotel! Daar was een, zonder dat we een naam konden vinden, klein restaurantje waar we geen buitenlandse invloeden konden ontdekken. De uitbaatster bleek geen Engels te kunnen, maar gelukkig één van haar zoons wel. We werden aan een klein tafeltje gezet en konden alleen plaatselijke gerechten bestellen. Ook nu gelukkig weer met plaatjes en een klein beetje hulp van de zoon die het Engels een beetje machtig was, werd het de vis en de kip. Nadat we, wederom een tafel vol, eten hadden gekregen, kwam er een man naast ons zitten die het gesprek met ons aanknoopte. Het bleek de eigenaar (en man van de uitbaatster) te zijn, die het leuk vond om met zijn buitenlandse gasten te praten. Overigens lukte dat beter met mijn vriendin: hun kennis van de Engelse taal kwam ongeveer overeen, in tegenstelling tot dat van mij… Volgens mijn vriendin moest ik niet zoveel “moeilijke” woorden gebruiken. Dat dus. Toen hij eenmaal had ontdekt waar we vandaan kwamen, was het hek helemaal van de dam: één van zijn dochters woonde namelijk in Nederland! Nijmegen, om precies te zijn. Hij vertelde er volop over en ging zelfs bellen zodat we even met haar konden praten. Dat werd een leuk gesprek waarbij ze vertelde inmiddels negen jaar in Nederland te wonen. Ze was net op weg naar huis, nadat ze haar kinderen van de opvang had gehaald. Ze verontschuldigde zich zelfs voor haar Nederlands, wat absoluut overbodig was. Ze praatte beter Nederlands dan menig (arbeids)migrant na 20 jaar in ons land. Het gesprek afgesloten en verder met het diner. Ook nog foto’s geschoten die Azam, de eigenaar, beloofde door te sturen, wat overigens tot op heden nog niet is gelukt. Slechte verbinding, denk ik. Met de allerlaatste manats betaald en toen weer terug naar het hotel. Een mooie afsluiting van onze korte vakantie in Azerbeidzjan!

De laatste dag was het vroeg weer op: om 06:20 uur zou ons vliegtuig naar Istanbul vertrekken. Dus met wat weinig slaap al vroeg bij de balie van het hotel, waar een vooraf bestelde taxi ons naar het vliegveld zou brengen. Op de afgesproken tijd kwam echter niet de besproken taxi, maar “de neef van” de hotelklerk, omdat de besproken chauffeur zijn tijd had verslapen. Wij waren echter allang blij dat er in ieder geval een taxi was, die ons naar het Heydar Aliyev Airport bracht. Zonder verder oponthoud; nu mochten we onze koffers keurig in de cabine meenemen, naar Istanbul, waar we na een korte wachttijd richting Brussel konden. Daar waren we, plaatselijke tijd, al rond 13:00 uur en na een korte treinreis naar Essen was het laatste gedeelte met de auto naar huis een feit. Wederom een mooi avontuur ten einde!

Conclusie: een hele mooie trip waarbij het verrassend verwesterde Baku voor buitenlandse toeristen goed te doen is. De vrouwen in dit Islamitische land dragen daar nauwelijks een hoofddoek, en westerse vrouwen worden door iedereen gelijk behandeld. Wel een dingetje is het verkeer: nauwelijks elektrische auto’s zodat de benzinedampen, zeker als je langs de doorgaande weg loopt, je neus irritant binnendringen. Daar staat de vergroening nog in de kinderschoenen, zullen we maar zeggen. De mensen zelf zijn, hoewel er weinig gelachen lijkt te worden, zeer behulpzaam. Al met al is ook Baku een aanrader voor wie de wereld wil ontdekken!